IndexFAQHomepageKalenderGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel| .

A long way up.

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down
AuteurBericht
Soren

avatar


Character
Geslacht: Mannelijk
Leeftijd: 5 Years.
Remission: Neutral

BerichtOnderwerp: A long way up. di feb 05, 2013 3:05 am





Er was eens want dat zijn de woorden waar alle goede verhalen mee beginnen. Echter loopt dit verhaal iets anders, neemt het je mee in een tijd die niet vele hebben mogen kennen. Een tijd die vroeger niet kende, en de toekomst ver te zoeken is. Beelden van bergen bedekt met sneeuw, een gebied ijskoud en verlaten. De lucht gevuld met een kille zweer, de dood zo gewoon een dagelijkse gebeurtenis. Toch weten vele te ontsnappen aan de genadelose gebeurtenissen. Een plotse wind zette op, zorgde ervoor dat bomen kraakte en sneeuw opstoof en even later weer rustig neerviel op de koude grond. De tijd lijkt ook hier in The Highlands stil te staan, een gebied dat geen genade kende. Je moest goed oppassen waar je was, want de kans dat je verdwaalde was erg groot. De wind was guur en waaide hard tussen de bomen door, en plots alsof iets of iemand het weer bestuurd werd het doodstil. De wind was gaan liggen, niet geleidelijk nee heel plots. De stilte was haast dodelijk, geen geluid kon je vinden.


Totdat het geluid van vliegende vleugels je oren bereikte, geruisloos maar toch hoorbaar hoe de wind een jonge kerkuil droeg. Een ervaren jager, een meester in het vliegen. Soren bracht zijn vleugels achter omhoog zodat hij kwam af te remmen, hij stuurde zichzelf zo op een dunne tak bedekt met een laagje sneeuw. De uil kwam geruisloos en soepel neer op zijn twee klauwen, scherp en dodelijk. Zijn lichte veren iets donkerder dan de sneeuw zelf. Soren zijn heldere grote ogen keken neer op het gebied, op de tak had hij een prima uitzicht. Maar de Kerkuil was hier al met al niet zonder rede, The Highlands waren een perfect jacht gebied, de bossen waren rijk gevuld met muizen en andere kleine knaagdieren. Soren keek rond, draaide zijn hoofd van links naar rechts en weer terug, terwijl hij ook zijn geweldige gehoor zijn werk liet doen. Daar was het, schuin voor hem. Zo’n paar meter vliegen tussen het dunne gras dat net iets boven de sneeuw uitstak, een klein groepje muizen. Soren steeg geruisloos op, zijn vleugels raakte elkaar iedere keer net niet. Hij liet de wind hem ragen, waarbij hij af en toe met zijn vleugels sloeg voor wat vaart. Vlak boven de grond, zijn ogen gericht op zijn doelwit, zijn vleugels stil. Zo zweefde hij over de grond, zo’n paar cm voor de muis bracht hij zijn vleugels omhoog en sperde hij zijn klauwen voor zich uit. In minder dan een seconde schepte hij de muis van de grond, het diertje had al die tijd niks in de gaten gehad en stierf dan ook meteen tussen zijn scherpe nagels. Soren maakte een scherpe bocht naar links, en lande soepeltjes op een tak waar hij genoot van zijn wel verdiende maaltje verse muis.
Terug naar boven Go down
Juvé


avatar


Character
Geslacht: Mannelijk
Leeftijd: I guess I quit counting a long time ago.
Remission: Doomed

BerichtOnderwerp: Re: A long way up. di feb 05, 2013 11:30 pm

Poten waarvan de scherpe nagels tikten op de stenen weerklonken door de ijzige stilte die het land in zijn greep hield. Ogen, gif groen, gefixeerd op enkel de weg die er voor hen lag. Een opmerkelijke rode vacht. Roestkleurig als bloed maar met sneeuwwitte accenten, waaronder de punt van de staart. Littekens over de linkerkant van de kop die verhalen vertelden van lang vergane gloriedagen. Maar de vos die dit gebied doorkruiste was verre van oud. Er lag een zekere leeftijdloosheid over zijn gelaat. Als hij zijn kop wat voorover boog, zodat de schaduw erover heen viel,leek het soms of zijn gezichtsuitdrukking in het duister verdween en plaats maakte voor de schaduw vorming van een vossen schedel. Als een soort angstaanjagend masker dat de hele tijd bewegelijk over de kop van de vos heen lag. Het was duister, luguber en om de een of andere reden gevuld met pijn en ellende.
De vos echter leek zelf niets van dat alles te bezitten. Er speelde zelfs een kleine grijns om zijn bek. Eentje die zijn scherpe tanden bloot liet en meteen zijn status als roofdier bevestigde. Witte wolkjes condens verlieten zijn neusgaten terwijl hij zo doorliep. Zijn blik speurde de omgeving af, maar hij was niet echt naar iets op zoek. Tenminste, dat leek zo. Het leek hopeloos maar Juvé had het zo zeker geweten. Hij had haar gezien. Hier, en toen weer een paar meter verderop, boven op de heuvel. Hij wist dat het niet kon, dat het gezichtsbedrog moest zijn. Maar hij wilde haar graag zien. Telkens dacht hij weer een flits van haar witte staart achter een boom te zien verdwijnen. Zag hij de hel blauwe ogen die hem zo goed konden doorgronden, de enige die hem konden doorgronden. En wat hij er al niet over had om haar nog eens te zien. Maar het was jagen op een droom. Ze was weg, dat had hij zelf gezien. En iets dat weg was, kon niet zomaar ineens terug komen.
Geritsel vanuit de bosjes lieten Juvé opkijken. Tussen het struikgewas vandaan kwam een klein wit konijn gerold. Zodra het dier Juvé zag werden de ogen groot en probeerde hij te maken dat hij weg kwam. Uit pure paniek rende het dier tegen een omgevallen boomstam aan. Toen Juvé dichterbij kwam probeerde hij zich zo klein mogelijk te maken. 'Het is nog niet je tijd. Ik kom nog wel terug,' was het enige wat hij zei. Zijn stem, zwaar en zacht. Zijn toon, serieus en zakelijk. Geen al te slecht humeur voor Juvé's doen, maar niet zijn beste. Het konijn nam niet eens de tijd om hem te antwoorden en sprintte ervandoor. Daardoor merkte Juvé een nieuw geluid. Hij hoorde vleugels en even later zag hij de eigenaar. Een grote kerkuil zweefde door de lucht. Hij maakte een duikvlucht en toen hij terug omhoog kwam zag Juvé een gedode prooi tussen de klauwen. Hij zag de ziel eruit ontsnappen. Het was niet waar hij wat mee kon. Deze muis was onnozel geweest zijn leven. En de onnozelen zijn de heiligste. Maar zolang zijn andere collega's nog altijd spoorloos waren, op Destrius na dan, kon hij niets anders dan de ziel weg te sturen naar Caelum. Vanaf een afstand ging het wat moeizamer. Meestal moest Juvé in aanraking komen met de overledene om zijn ziel te bevrijden. Met gesloten ogen een grote krachtinspanning kreeg hij de ziel vrij en zag het verdwijnen, op weg naar Caelum.
Terug naar boven Go down

A long way up.

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Perished :: The highlands-